Wat kunt u zelf doen als u een storing heeft?

Controleer of er genoeg water in de CV-installatie zit (tussen 1 en 2 bar).
Zo niet, dan dient deze bijgevuld te worden tot maximaal 2 bar.

  • Zit de stekker in het stopcontact? Staat er spanning op? 
  • Controleren met een stofzuiger o.i.d.. Staan de schakelaars op de ketel goed?
  • Is er gas? (eventueel controleren bij het gasfornuis)
  • Als uw toestel een waakvlam heeft, brandt deze? Zoniet, zie uw instructieboekje hoe te handelen.
  • Zitten er batterijen in de thermostaat? Zoja, zijn ze nog goed? Eventueel vervangen.
  • Knippert er een lampje, nummer of letter op de ketel? Noteer deze aanduiding want deze is belangrijk voor het oplossen van de storing en wij zullen hier ook als eerste naar vragen.
  • Als er een signaal knippert heeft u een reset- of ontgrendelknop om de storing te resetten/ontgrendelen. 

 

Daar kunt u een keer op drukken. De ketel start dan opnieuw op. 
Als de ketel het weer naar behoren doet, meldt u dan de storing bij het eerstvolgende onderhoud. 
Gaat de ketel direct weer in storing, neemt u dan contact met ons op en geef de storingscode door.

 

Blijft de storing bestaan? Dan is het tijd om ons te bellen!

Wij gaan u dan een aantal standaard vragen stellen:

  • Wat voor ketel heeft u?
  • Wordt het huis niet warm? Heeft u wel of geen warm water?
  • Geeft de ketel een storing aan (knipperend)?
  • Zit er genoeg water in de ketel?

Als u ons belt maken wij direct een afspraak met u.
Indien u (nog) geen onderhoudscontract met ons heeft dient u meteen te betalen.
Uiteraard kunt u direct een onderhoudscontract met ons afsluiten en dan krijgt u de rekening later opgestuurd.

 

Voor direct contact belt u met 06-55344181.

 

Het kan voorkomen dat ik niet meteen opneem. 
Ik neem dan zo snel mogelijk contact met u op.
Dit werkt uiteraard alleen als u nummerweergave aan heeft staan. 
Als u dit niet aan heeft, belt u dan 15 minuten later nog eens.
Wij willen u er voor de volledigheid op wijzen dat meer dan de helft van de storingen hadden voorkomen kunnen worden door tijdig onderhoud, het op tijd bijvullen van de installatie en het vervangen van de batterijen van de thermostaat.